deel dit artikel: Print this page
Print
Share on LinkedIn
Linkedin
Tweet about this on Twitter
Twitter
Email this to someone
email

Volwaardig agrarisch bedrijf en bestemmingsplan

Volwaardig agrarisch bedrijf en bestemmingsplanvolwaardig agrarisch bedrijf

In de meeste bestemmingsplannen voor het buitengebied is een definitie opgenomen van een volwaardig of reëel agrarisch bedrijf. Bij een startend agrarisch bedrijf kan dit vaak tot problemen leiden. De meeste gemeenten leggen de vraag of een bedrijf al dan niet volwaardig is voor aan een agrarische adviescommissie. Persoonlijk vind ik dat deze commissies veel te rigide en behoudend het bedrijf beoordelen. Ook aan de objectiviteit van deze commissies twijfel ik regelmatig. Het is echter wel zo dat de meeste gemeenten klakkeloos het oordeel van deze commissies volgen. Het is dus belangrijk om goed beslagen ten ijs te komen!

In een uitspraak van 24 januari 2018 komt een dergelijk geval aan de orde. De gemeente had een omgevingsvergunning geweigerd voor het oprichten van 3 bedrijfsgebouwen voor een agrarisch bedrijf. Volgens het college van B&W behoren de bouwwerken niet bij een volwaardig agrarisch bedrijf als bedoeld in de planregels van het geldende bestemmingsplan.

Volgens appellant hoeft er geen sprake te zijn van een volwaardig agrarisch bedrijf. Het college had volgens hem, gelet op de voorgeschiedenis, ervan op de hoogte kunnen zijn dat de door hem aangevraagde gebouwen noodzakelijk zijn voordat hij zijn agrarische bedrijfsvoering kan starten.

In 2012 heeft de gemeente een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een bedrijfswoning op het perceel. De agrariër was destijd van plan een land- en tuinbouwbedrijf te starten conform het ingediende bedrijfsplan. Volgens de gemeente heeft appellant echter geen uitvoering gegeven aan het bedrijfsplan en om die reden is de omgevingsvergunning voor de bedrijfsgebouwen geweigerd. Het college wil ongewenste leegstand van gebouwen in het buitengebied voorkomen.

Appellant heeft tijdens de zitting toegelicht dat hij in eerste instantie voornemens was de percelen te gebruiken voor fruitteelt, maar de inkomsten daarvan zijn voor hem achteraf onvoldoende gebleken om dat plan door te zetten. Om die reden is hij mais en gras gaan kweken. Daarnaast is hij voornemens koeien te gaan houden, maar daarvoor stelt hij de aangevraagde gebouwen nodig te hebben voor de opslag van machines.

De Afdeling overweegt als volgt: “Aan appellant is een omgevingsvergunning verleend voor een agrarische bedrijfswoning en vervolgens is het door appellant gewenste agrarische gebruik in het bestemmingsplan opgenomen. In deze procedures heeft het college het in het bedrijfsplan door appellant gepresenteerde gebruik als een agrarisch bedrijf aangemerkt. Bovendien is in artikel (…) van de planregls niet opgenomen dat sprake dient te zijn van een volwaardig agrarisch bedrijf. Het is van belang dat het bedrijf gericht dient te zijn op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren, waarbij een bedrijfsmatige, op de markt gerichte productie plaatsvindt die een wezenlijke bijdrage aan de inkomensvorming levert. Onder die omstandigheden kan het college niet volstaan met de motivering dat het door appellant van het perceel gemaakte gebruik niet kan worden aangemerkt als een agrarisch bedrijf als bedoeld in het bestemmingsplan en het het appellant in de gelegenheid dienen te stellen nader uiteen te zetten op welke wijze hij, al dan niet in afwijking van zijn bedrijfsplan, voornemens is het perceel te gebruiken. Daarbij is van belang dat appellant de vergunde bedrijfswoning heeft gebouwd, dat appellant een verklaring heeft gegeven voor het niet gebruiken van het perceel voor fruitteelt conform zijn bedrijfsplan, dat hij ter zitting te kennen heeft gegeven dat de afgelopen jaren mais is verbouwd op de percelen en hij nog steeds voornemens is het perceel agrarisch te blijven gebruiken. Het betoog slaagt.”

Lees meer in uitspraak ABRS 24 januari 2018, no. 201701101/1/A1.

Hulp nodig bij de realisatie van uw bedrijfswoning of agrarisch bedrijf? 

Bel De Omgevingsjurist voor:

  • onderbouwingen voor de noodzaak van een bedrijfswoning
  • onderbouwingen voor een volwaardig agrarisch bedrijf
  • contra-advies Agrarische adviescommissies

Bel 010 – 268 0689 voor meer informatie.

deel dit artikel: Print this page
Print
Share on LinkedIn
Linkedin
Tweet about this on Twitter
Twitter
Email this to someone
email

Spuitzone boomteelt ook bij niet volwaardig bedrijf

Spuitzone boomteelt ook bij niet volwaardig bedrijf

Het is inmiddels vaste jurisprudentie van de Afdeling dat het al dan niet hobbymatig telen van bomen of het al dan niet uitoefenen van een volwaardig boomteeltbedrijf, niet relevant zijn bij het afwijken van de afstand van 50 m. Alleen wat het bestemmingsplan toestaat is relevant. Indien boomteelt op grond van het bestemmingsplan is toegelaten dient van dit gebruik te worden uitgegaan. Zie uitspraak van 29 februari 2012, no. 201107216/1/R2.