deel dit artikel: Print this page
Print
Share on LinkedIn
Linkedin
Tweet about this on Twitter
Twitter
Email this to someone
email

Assortiment detailhandel in bestemmingsplan is ruimtelijk niet relevant

In bestemmingsplan regelen van welk assortiment detailhandel is toegestaan is ruimtelijk niet relevant

In een bestemmingsplan heeft de gemeente via een assortimentslijst geregeld welk assortiment bouwmarkten in huis mogen hebben.

De Afdeling zegt er het volgende over: “het vaststellen van het toegestane assortiment in de assortimentslijst PDV is een te vergaande beperking van de gebruiksmogelijkheden van het perceel (…). Een bestemmingsplan kan weliswaar regels bevatten met betrekking tot branches van detailhandel, maar daaronder valt niet tevens het gedetailleerd vaststellen van het toegestane assortiment. De Afdeling komt tot deze uitleg omdat uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening als zodanig niet van belang is welke specifieke goederen verkocht worden wanneer deze binnen de toegestane branche vallen.”

Zie uitspraak ABRS 20 november 2013, no. 201302826/1/R1

deel dit artikel: Print this page
Print
Share on LinkedIn
Linkedin
Tweet about this on Twitter
Twitter
Email this to someone
email

Aantal evenementen regelen in planregels bestemmingsplan

Aantal evenementen regelen in planregels bestemmingsplan

De gemeente heeft binnen de bestemming ‘Verkeer’ het mogelijk gemaakt om evenementen te houden. In de planregel is geregeld dat een evenement maximaal 7 aaneengesloten dagen mag duren. Voor een langere duur (max. 30 dagen) kan via een omgevingsvergunning medewerking worden verleend.

Uit een uitspraak van 10 juli 2013 (no. 201208101/1/R2) blijkt dat dit niet voldoende is.geluid evenementen

De Afdeling overweegt: Ook dient deze omtrent onder meer het toegestane aantal evenementen per jaar en de maximale bezoekersaantallen, voorschriften te stellen voor zover dat uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening op een locatie van belang is. Deze beoordeling en afweging is een andere dat die op grond waarvan in een concreet geval voor een evenement al dan niet vergunning wordt verleend. Ook ten aanzien van de mogelijkheid voor standplaatsen zal de planwetgever een beoordeling en afweging moeten maken inzake het aantal standplaatsen en de periode waarin deze standplaatsen mogen worden opgenomen, voor zover dit uit een oogpunt van ruimtelijke aanvaardbaarheid van belang is. 

Zie verder r.o. 16.4

omgevingsjurist