Tuinsteden als oplossing voor pandemieën?

Tuinsteden als oplossing voor pandemieën?

Tijdens de lockdowns die we hebben meegemaakt om de verspreiding van Covid-19 tegen te gaan, is het wel heel erg duidelijk geworden hoe belangrijk groene ruimte in een woonomgeving is. Je zult als gezin maar ‘3-hoog-achter’ in een krappe bovenwoning wonen in bijvoorbeeld Rotterdam-Zuid en een lockdown moeten meemaken. Dat valt niet mee. De beleving van zo’n lockdown is anders als je ruim woont en/of de mogelijkheid hebt om dichtbij je woning naar een park te lopen.

Sport- en voetbalveldjes, wandelmogelijkheden en groene ruimte in de buurt van de woning zijn belangrijk voor mensen om voldoende te kunnen bewegen. Waar we nu keihard achter zijn gekomen gaat geheel in tegen het principe van de laatste jaren in de stedenbouw en ruimtelijke ordening: verdichten, verdichten en nog eens verdichten. Dit principe is ingesteld op ruimtelijke efficiëntie en maximalisatie in breed opzicht en veel minder op menselijk welzijn. De mens heeft ook behoefte aan rust en ruimte.

Een mooi basisontwerp is het principe van de tuinsteden van Ebenezer Howard. Deze ontwerpideeën zijn ontstaan als gevolg van de industriële revolutie, met veel vervuiling en uitstoot van industrie en smerige steden. Hoewel dit laatste tegenwoordig niet te vergelijken is met toen, is het principe van scheiding van functies en parken in steden ook nu heel bruikbaar. Het tegenwoordige mengen van functies, zoals wonen op of nabij bedrijventerreinen of tussen bedrijven is gewoon geen goed idee. Ook in de huidige tijd leidt dit vaak tot klachten als gevolg van geluidsoverlast door bijvoorbeeld laden en lossen. Langdurige geluidsoverlast bij mensen is schadelijk voor de lange termijn en bedrijven kunnen worden geschaad in een normale bedrijfsvoering.

Ook in Nederland zijn prachtige ’tuinsteden’ te vinden, zoals tuindorp Het Lansink in Hengelo dat er nog steeds heel mooi uit ziet. Met name ook de grote vijver dat als buitenzwembad fungeert is uniek en prachtig om te zien. Tuindorp Vreewijk in Rotterdam ziet er ook nog heel mooi uit: mooie groene zones tussen woningen, watergangen en prettig om rond te wandelen.

Wat de pandemie me verder heeft duidelijk gemaakt is onze illusie om te denken dat alles maakbaar is. We zijn het contact met de natuur verloren – (‘bomen waar blaadjes van afvallen zijn maar lastig in de straat, ook dat moet geregeld worden door de gemeente’) en denken dat we alles kunnen regelen en voorspellen met apps en modellen. Het is goed om te beseffen dat het niet meer dan hulpmiddelen zijn en niet ‘de waarheid’. Of zoals de quote van de Britse statisticus George Box: ‘All models are wrong, some are useful’.

De ’tuinstad-zonering’ is als principe juist nu heel goed bruikbaar. Meer groene openbare ruimte in woonbuurten, sport- en trapveldjes, wandelpaden, etc. Ruimtes die voor iedereen toegankelijk zijn, zonder dat je geld hoeft uit te geven.

Hieronder is de tuinstadzonering aangegeven. Deze tekening is gebaseerd op de ideeën van Ebenezer Howard.

tuinsteden

VNG-brochure landelijk gebied toch gemengd gebied

VNG-brochure landelijk gebied toch gemengd gebiedVNG-brochure landelijk gebied

Een gemeente heeft een omgevingsvergunning verleend voor het toestaan van horeca bij een rijksmonument. Het gaat om het gebruik voor maximaal 2 dagen in de week. Appellant vreest voor geluidsoverlast en voor aantasting van zijn woonklimaat. De Afdeling overweegt als volgt:

Het college dient bij het nemen van een besluit op de aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit afwijken van het bestemmingsplan, mede te beoordelen welke gevolgen de gevraagde activiteiten hebben voor het woon- en leefklimaat van omliggende woningen. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (…) mag het college daartoe aansluiting zoeken bij de geluidsnormen van het Activiteitenbesluit en bij de richtafstanden die zijn opgenomen in de brochure “Bedrijven en milieuzonering” van de VNG. De in de VNG-brochure opgenomen afstanden zijn indicatief en gemotiveerd afwijken van deze afstanden is mogelijk. In dat geval kan het college aansluiting zoeken bij de in de VNG-brochure opgenomen streefwaarden voor geluid. Daarbij is relevant welke geluidbelasting in de representatieve bedrijfssituatie valt te verwachten van de bedrijfsactiviteiten, al dan niet na het treffen van aanvullende maatregelen. (…) In het akoestisch onderzoek is geconcludeerd dat hoewel het perceel is gelegen in een landelijk gebied, er aangesloten kan worden bij het omgevingstype gemengd gebied. De locatie is namelijk gelegen bij het drukbevaren Amsterdam-Rijnkanaal, aan weerszijden van het landgoed zijn agrarische bedrijven gelegen, op het landgoed is detailhandel aanwezig en op de locatie is het railverkeer (…) duidelijk hoorbaar. Gelet op deze verschillende functies in de omgeving is de Afdeling van oordeel dat in het akoestisch onderzoek in redelijkheid kon worden aangesloten bij het omgevingstype gemengd gebied.” Zie uitspraak ABRS 30 juni 2021, 201904525/1/R4.(VNG-brochure landelijk gebied).

Bij de toepassing van de VNG-brochure is een belangrijke stap het kwalificeren van de omgeving van het plangebied. Doe dat ruim, dus niet alleen het plangebied. De VNG-brochure bevat definities van gemengd gebied en landelijk gebied. Dat biedt aanknopingspunten, maar deze uitspraak laat zien dat ook de definities niet in beton zijn gegoten en praktisch toegepast moeten worden, (lees: gezond verstand gebruiken). Belangrijk is te motiveren waarom.

Geluid buitenzwembad en aantasting woon- en leefklimaat

Geluid buitenzwembad en aantasting woon- en leefklimaatgeluid buitenzwembad

Geluiden bij een buitenzwembad kunnen leiden tot ergernis bij omwonenden. Het kan geluid zijn van een waterpomp, stemgeluid, afzuiging, etc. Het is meestal een combinatie van factoren dat leidt tot overlast. Hoewel het meestal maar een beperkt aantal weken is per jaar. In dit geval gaat het om een uitbreiding van een camping met meer staanplaatsen. Appellanten vrezen dat de uitbreiding zal leiden tot de aantasting van hun woon- en leefklimaat.

Volgens appellanten wordt het nieuwe buitenzwembad mogelijk gemaakt op minder dan 100 m van hun woning. In de VNG-brochure wordt een richtafstand van 200 m aanbevolen. De raad heeft een aanvullend akoestisch onderzoek laten uitvoeren. Uit dit onderzoek blijkt dat het hoogste berekende langtijdgemiddelde beoordelingsniveau ten gevolge van alle activiteiten ten hoogste 41 dB(A), 40 dB(A) en 18 dB(A) voor onderscheidenlijk de dag-, avond- en nachtperiode bedraagt. Volgens de Afdeling kan op basis hiervan worden afgeweken van de hiervoor genoemde richtafstand. De langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus uit het Activiteitenbesluit worden niet overschreden. Verder is volgens de Afdeling rekening gehouden met alle relevante geluidsbronnen: een grasmaaier, afzuiging, laden en lossen van auto’s, pratende en schreeuwende stemmen, koelmotoren en muziek. Lees verder in r.o. 18 e.v. van uitspraak ABRS 31 maart 2021, no. 202003602/1/R3. (geluid buitenzwembad)

VNG-brochure niet toepassen op bestaande situaties

VNG-brochure niet toepassen op bestaande situatiesVNG-brochure

Hoewel de VNG-brochure richtafstanden en indelingen zijn verouderd, kunnen ze erg handig zijn om te bekijken welke afstand passend is tussen woningen en bedrijven. Dat wordt dan ook nog veel gedaan. Als hulpmiddel prima, maar het is geen wetgeving. In onderstaande uitspraak komt dat nog eens ter sprake. Deze uitspraak gaat over de planologisch-juridische realisatie van een plattelandswoning. Het geldende bestemmingsplan laat alleen bewoning toe in de bedrijfswoning behorend bij een agrarisch bedrijf.

Verder overweegt de Afdeling (…) dat deze brochure een richtlijn is waarvan gemotiveerd kan worden afgeweken. De VNG-brochure is bedoeld voor toepassing in nieuwe situaties, zoals de vestiging of wijziging van een bedrijf. De brochure is niet zonder meer van toepassing op situaties die betrekking hebben op gevoelige functies die bewust rondom een agrarisch bedrijf worden gesitueerd, zoals een bedrijfswoning of een plattelandswoning of om onderliggende hinder tussen milieubelastende bedrijven te beoordelen. (..).” Lees meer in r.o. 4.2. van uitspraak ABRS 23 juni 2021, no. 202003711/1/R2.

In situaties waar samenhang moet worden bereikt – dat is ook het streven van de Omgevingswet – moet worden gewerkt met meer lagen. Een handig hulpmiddel zijn tekeningen met richtafstanden, gewenste afstanden en bestaande situatie over elkaar te leggen (op kalkpapier). Het is niet gebruikelijk voor juristen en beleidsmedewerkers om met tekeningen te werken, maar het helpt echt. Het biedt meer inzicht, ook voor politici. Neem ook de omgeving mee op die tekeningen, dus niet alleen het plangebied.

 

 

Piekbelasting terminalbedrijf en goede ruimtelijke ordening

Piekbelasting terminalbedrijf en een goede ruimtelijke ordeningpiekbelasting

De gemeente heeft een bestemmingsplan vastgesteld voor de nieuwbouw van 35 woningen en een volkstuinencomplex. Een nabij gelegen containerterminal verzet zich tegen de plannen en vreest voor een belemmering in de bedrijfsvoering. De werkzaamheden bestaan uit het laden en lossen van containerschepen.

Het bedrijf stelt in beroep onder meer dat het geluidzonebeheerplan en de berekende cumulatieve geluidbelasting niet zien op de maximale geluidniveaus (piekbelasting). Met verwijzing naar het akoestisch onderzoek (…) stelt het bedrijf dat tot 300x per etmaal als gevolg van de verlading in de containerterminal vanuit de inrichting voor de nieuwe bewoners (goed) herkenbare piekgeluiden kunnen worden gehoord, waaronder 70x in de avondperiode.

(…) “De raad stelt dat de piekgeluiden door laad- en losactiviteiten voldoen aan de grenswaarden voor de maximale geluidbelasting uit het Activiteitenbesluit milieubeheer. De Afdeling is echter van oordeel dat een goede ruimtelijke ordening voor het aspect geluid slechts gedeeltelijk wordt ingevuld door het Activiteitenbesluit milieubeheer en daarbuiten een zelfstandige betekenis heeft. Uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening had de raad dienen te beoordelen of met de piekgeluiden ten gevolge van de bedrijfswerkzaamheden (…), gelet op de zeer hoge dagelijkse frequentie hiervan, bij de voorziene woningen sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, ook al blijven deze piekgeluiden ieder afzonderlijk binnen de grenswaarden voor maximale geluidniveaus in het Activiteitenbesluit milieubeheer. Nu de raad dit niet heeft gedaan, is het besluit in zoverre onzorgvuldig genomen. Het betoog slaagt.” Zie uitspraak ABRS 23 juni 201905487/1/R2.

hondengeblaf hondenpension en VNG-brochure

Hondengeblaf hondenpension en VNG-brochurehondengeblaf

Hondengeblaf is een vaak voorkomende klacht bij gemeenten. Met name in woonbuurten is het niet verstandig hondenkennels te vestigen. Ook uitlaatdiensten van honden liggen gevoelig. In deze zaak heeft de gemeente een omgevingsvergunning verleend voor een honden- en kattenpension. Appellant is eigenaar van een nabijgelegen theaterhoeve en vreest in zijn woon- en leefklimaat te worden aangetast vanwege hondengeblaf.

De gemeente heeft zich op het standpunt gesteld dat het in redelijkheid de omgevingsvergunning heeft kunnen verlenen. Volgens de gemeente is een geluidbelasting op de theaterhoeve van 52 dB(A) voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau en 64 dB(A) voor het maximaal geluidniveau niet in strijd met een goede ruimtelijke ordening.

De Afdeling overweegt het volgende: “dat het college bij de beoordeling van de geluidbelasting aansluiting heeft gezocht bij het stappenplan uit de VNG-brochure. Niet in geschil is dat voor dierenpensions gelegen in rustig buitengebied een richtafstand van 100 m van toepassing is, waar in de gegeven situatie niet aan kan worden voldaan. Het college heeft onder verwijzing van het akoestisch onderzoek (…) toegelicht dat het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau ter plaatse van de bedrijfswoning van appellant 50 dB(A) zal bedragen, zodat ook niet kan worden voldaan aan de toepasselijke geluidwaarde van de tweede stap uit het stappenplan, zijnde een langtijdgemiddelde beoordelingsniveau van 45 dB(A). Het college heeft ten aanzien van de overschrijding (…) toegelicht dat… lees meer in r.o. 6.1 e.v. van uitspraak ABRS 21 april 2021, no. 202002500/1/R2

Geluid kerkklokken en VNG-brochure

Geluid kerkklokken en VNG-brochuregeluid kerkklokken

De gemeente heeft een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een kerk. In de vergunning is een voorwaarde opgenomen:

Het gebruik van het kerkgebouw is toegestaan onder de voorwaarde dat een goed woon- en leefklimaat voor de omgeving gegarandeerd is en blijft. In par. 5.5 van de ruimtelijke onderbouwing is ten aanzien van het aspect milieuzonering geconcludeerd dat dat dit geen belemmering vormt voor de uitvoerbaarheid van dit plan. Bij het aanbrengen van een luidklok in de toekomst moet middels een akoestisch onderzoek worden aangetoond dat de geldende geluidnormen voor het gebiedstype ‘rustige woonwijk’ (…) niet worden overschreden zodat een goed woon- en leefklimaat gehandhaafd blijft.” 

De vraag is of een goed woon- en leefklimaat via deze voorwaarde goed geregeld is. De Raad van State vindt van niet: “Uit het akoestisch onderzoek (…) blijkt dat het luiden van een kerkklok op deze locatie zal leiden tot een aanzienlijke geluidbelasting in de nabije omgeving. Om die reden heeft het college aan deze omgevingsvergunning een voorschrift verbonden ter voorkoming van onaanvaardbare geluidhinder. Het college heeft hiervoor aansluiting gezocht bij de VNG-brochure. (…) Naar het oordeel van de Afdeling kon het college op zichzelf aansluiting zoeken bij de VNG-brochure. De Afdeling overweegt echter dat het geluidvoorschrift (…) in dit geval geen duidelijkheid biedt over de geluidnormen waaraan voldaan moet worden. De VNG-brochure kent immers een stappenschema waarbij in de stappen 2 en 3 verschillende geluidwaarden staan en stap 4 de ruimte biedt om gemotiveerd daarvan af te wijken. De Afdeling acht het geluidvoorschrift in dit geval in strijd met de rechtszekerheid.” Lees meer in r.o. 16 e.v. van uitspraak ABRS 28 april 2021, no. 202000973/1/R1. [geluid kerkklokken]

Gemengd gebied VNG-brochure is heel ruim

Gemengd gebied VNG-brochure is een ruim begrip

De VNG-brochure hanteert de volgende definitie van ‘gemengd gebied‘: “een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd. Gebieden die direct langs de hoofdinfrastructuur liggen, behoren eveneens tot het omgevingstype gemengd gebied. Hier kan de verhoogde milieubelasting voor geluid de toepassing voor kleinere richtafstanden rechtvaardigen. Geluid is voor de te hanteren afstand van milieubelastende activiteiten veelal bepalend.”

In deze zaak gaat het om een solitair gelegen agrarisch bedrijf in aardappels en uien. Het bedrijf sorteert en verpakt deze uien en aardappels ook. Na verloop van tijd is het zelf verbouwen van producten gestopt en zijn ze overgegaan tot het verpakken van landbouwproducten van derden. Formeel vallen deze activiteiten niet meer onder de geldende agrarische bestemming. Om die reden is een specifieke aanduiding toegevoegd. Daarnaast is het bouwen van een nieuwe loods mogelijk gemaakt. De buurman is hierop tegen omdat hij een aantasting vreest van zijn woon- en leefklimaat, vooral door geluidsoverlast. Hij betoogt onder meer dat de gemeente ten onrechte uitgaat van een gemengd gebied.

Voor het bedrijf geldt milieucategorie 3.1, hierbij is de richtafstand 50 meter. De Raad van State geeft aan dat er wel sprake is van een gemengd gebied: “Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid, behoort volgens de VNG-brochure tot een gemengd gebied. Het plangebied kan overigens niet direct als lintbebouwing worden aangemerkt, maar is daar naar het oordeel van de Afdeling voor de toepassing van de VNG-brochure wel mee gelijk te stellen. In dit kader heeft de raad toegelicht dat bij de ontwikkeling van de Noordoostpolder planmatig te werk is gegaan. Daarbij is er bewust voor gekozen de arbeiderswoningen direct bij de agrarische bedrijven te plaatsen. Langs veelal rechte wegen is telkens gegroepeerde bebouwing aanwezig met daartussen weilanden. Zo maakt de woning van appellant deel uit van een blok met, althans oorspronkelijk, drie agrarische bouwvlakken met zes woningen. Gelet hierop heeft de raad zich terecht op het standpunt gesteld dat er sprake is van een gemengd gebied (…).” Lees meer in uitspraak: ABRS 12 mei 2021, no. 202003858/1/R1.

In deze uitspraak wordt weer eens duidelijk het begrip ‘lintbebouwing’ niet te letterlijk te nemen en breder te kijken. Zie onderstaande luchtfoto waarop het gebied is te zien (bron: Google Earth pro).

gemengd gebied VNG-brochure

Wat is een veilige en gezonde fysieke leefomgeving?

Wat is een veilige en gezonde fysieke leefomgeving volgens de Omgevingswet? veilige en gezonde fysieke leefomgeving

De gemeenteraad moet volgens de Omgevingswet voor het gehele grondgebied een omgevingsplan vaststellen. In dit plan moeten regels worden opgenomen over de fysieke leefomgeving. Dit nieuwe criterium bevat een breed scala aan onderwerpen, in elk geval een stuk meer dan ‘een goede ruimtelijke ordening’ uit de Wro. Het doel van de Omgevingswet is het bereiken van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. In de praktijk is het niet zo eenvoudig om vast te stellen wat daar onder valt.

Artikel 1.2 Ow somt een aantal onderwerpen op waar de fysieke leefomgeving in elk geval betrekking op heeft: bouwwerken, infrastructuur, watersystemen, water, bodem, lucht, landschappen, natuur, cultureel erfgoed en werelderfgoed.

Artikel 2.1 Ow geeft onder meer aan waar de bevoegdheden van gemeente, provincie of Rijk betrekking op moeten hebben: waarborgen van de veiligheid, beschermen van de gezondheid, beschermen van het milieu, duurzaam veiligstellen van de openbare drinkwatervoorziening, het beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden, het behoud van cultureel erfgoed, de natuurbescherming, het tegengaan van klimaatverandering, de kwaliteit en het gebruik van bouwwerken, het beheer van natuurgebieden, etc. etc.

Volgens de MvT is de Ow in elk geval gericht op veiligheid en gezondheid van de mens: “Het omgevingsrecht heeft een belangrijke functie bij het voorkomen van ongewone voorvallen en rampen en de gevolgen daarvan. Het gaat om aspecten van de fysieke veiligheid zoals externe veiligheid, veiligheid tegen overstromingen, brandveiligheid en constructieve veiligheid. Bij gezondheid van de mens gaat het om bescherming tegen invloeden vanuit het milieu, zoals geluid en luchtverontreiniging.

Het is nogal wat voor met name gemeenten waar het omgevingsplan aan moet voldoen. Op zich kun je per aspect een project of plan gaan toetsen, maar de crux zit in de afweging van al die belangen. Hoe weegt een gemeente nu al die belangen af? Hoe maak je die inzichtelijk? Wat weegt zwaarder? Als ambtenaar heb je daar een zekere verbeeldingskracht en lef voor nodig: uit- en inzoomen in een gebied, groot durven denken, gezond verstand gebruiken en de knoop doorhakken voor het gemeentebestuur.

bestemmingsplan verbrede reikwijdte en VNG-brochure

VNG-brochure en bestemmingsplan verbrede reikwijdte gemengd gebied

De gemeente Rotterdam heeft een bestemmingsplan vastgesteld voor de realisatie voor een waterrijke woonwijk van zo’n 800 woningen. Het gebied is nu hoofdzakelijk in gebruik als spoor, kwekerij, sportvelden en bedrijventerrein. Het bestemmingsplan is een plan met verbrede reikwijdte.

Kortdurende en incidentele evenementen zijn toegestaan – In de regel zijn evenementen die zodanig kunnen worden aangemerkt niet strijdig met een geldende bestemming. Dat lijkt ook logisch: af en toe afwijken van een geldende bestemming moet kunnen, is praktisch en we kunnen immers niet alles regelen en handhaven. Toch blijkt maar weer eens uit deze uitspraak hoe moeilijk het is om te bepalen wanneer daar sprake van is:

De Afdeling overweegt dat het juist is dat een bestemmingsplan zich volgens haar vaste rechtspraak niet verzet tegen kortdurend en incidenteel gebruik. (…) Daarvan is echter geen sprake wanneer er structureel drie keer per jaar en in ieder geval deels met een groter ruimtebeslag dan normaal gesproken evenementen kunnen worden gehouden met een bezoekersaantal tot 1.000.“.

Woningen in de buurt van metaalbedrijven toegestaan ondanks korte afstand – De gemeente heeft het gebied gekwalificeerd als een ‘gemengd gebied’ zoals aangegeven in de VNG-brochure. Dat is een gebied waar menging van functies inclusief woningen aanwezig is of wordt geambieerd. Omdat de richtafstand van 50 meter uit de VNG-brochure niet kan worden gehaald is er akoestisch onderzoek verricht. Lees meer in r.o. 12.1 van uitspraak ABRS 2 juni 2021, no. 202004002/1/R3.